Spring naar inhoud

Afgedankt, eenzaam en verlaten

Zondag 13 januari 2019

Op Hoe Mannen Denken staat sinds donderdag 10 januari 2019 de volgende column online:

Afgedankt, eenzaam en verlaten

bron: MW

Tussen een paar vuilniszakken stond het na Driekoningen zielig naast de betonnen container bestemd voor restafval, klaar om afgevoerd te worden. Een lief klein schattig kerstboompje, nog goed in de naalden. Moet van een van mijn naaste buren zijn geweest. Stel vandalen!

Een sierlijk slank spits toelopend boompje, de ideale kerstboomvorm, maar nauwelijks meer dan een halve meter hoog. Compleet met kluit, die wel gortdroog was, waarschijnlijk nooit water gekregen. Hij houdt het wel uit tot na Nieuwjaar, zullen ze gedacht hebben toen ze hem kochten.

De pot zat er ook nog omheen, ingepakt in een gezellig juten zakje, precies op maat. Een kek rood koordje eromheen om alles bij elkaar te houden. De goudgekleurde kerstballetjes hingen er ook nog in. En zelfs de verlichting op batterijen. Inclusief batterijen! Bijna leeg, dat dan weer wel.

Helemaal compleet was het, waarschijnlijk stond het er een paar weken geleden precies zo bij tussen honderden identiek uitgedoste andere boompjes bij Intratuin. Of Gamma. Of Action. Zoiets. En nu is het afgeschreven want de gezellige feestdagen zijn voorbij.

In de batterijhouder annex bedieningspaneel was zelfs een timer geïntegreerd. De lampjes gaven nog flauwtjes licht als je inschakelde. De gebruiksaanwijzing zat keurig opgevouwen in een plastic zakje op maat dat aan het snoer vast zat. Nooit opengemaakt. De timer zal wel overbodige luxe zijn geweest.

De container zal al vol gezeten hebben, zoals vaker voorkomt. Wat er niet meer in past wordt er dan tegenaan gezet. Kennelijk hebben nogal wat buurtgenoten veel weg te gooien, en niet alleen na de kerst. Dat was het geluk van het boompje. Anders had de ondankbare eigenaar misschien de moeite genomen het in de container te gooien en had ik het nooit opgemerkt.

Zo’n boompje dat een paar weken volop had bijgedragen aan de kerstsfeer en opeens teveel was. Ik kon het niet over mijn hart verkrijgen het aan zijn trieste lot over te laten. Vuilnismannen die het zouden oppakken en tussen de malende zware kaken achterin de vuilniswagen gooien. Een belediging aan de kerstgedachte. Aan het kindeke Jezus, dat er tenslotte ook mocht zijn.

Dus ik heb me over het boompje ontfermd. Zijn lichtjes branden weer en straks mag hij in de tuin. Volgende kerst is hij weer welkom binnen.

Klik hier om de column te lezen op Hoe Mannen Denken

Vuurwerkverbod, goed voor mannen!

Zaterdag 12 januari 2019

Op Hoe Mannen Denken staat sinds donderdag 3 januari 2019 de volgende column online:

Vuurwerkverbod, goed voor mannen!

bron: tegelizr.nl/MW

Vuurwerk doet iets met jongetjes. Op oudjaarsdag zag je het weer in hun ogen toen ze in de aanloop van middernacht met zakkenvol munitie groepsgewijs door stad en land zwierven. Iets uitdagends. Ze straalden een zelfvertrouwen uit dat niet bij jongetjes past. Ze waanden zich mannen.

Een paar dagen per jaar kunnen ze zich sterker voelen dan ze zijn. Want ze hebben troeven in handen. Als ze kwaad willen word je, als je ze niet kan ontwijken, het doelwit van een raketaanval. Een vuurpijl is zo aangestoken en in jouw richting gelanceerd. Ze hoeven het niet eens te doen, maar de dreiging hangt in de lucht. Weten dat het kan, dat geeft macht!

Als je langs ze moet, lopend of op de fiets, kijken ze je brutaal aan. Want ze hadden ook in de weg kunnen gaan staan, je tot stoppen kunnen dwingen, zij weten het en jij weet het. Hun houding is die van kleine maffiosi of rappers die altijd klaar staan om respect te eisen. Respect betekent in die wereld ontzag.

Respect heb je voor iemand die zichzelf overtreft, die iets bijzonders presteert. Ontzag voor waar je niet tegen opgewassen bent, natuurverschijnselen zoals een tornado, een vulkaanuitbarsting, een tsunami. Voor een olifant of een tijger. Voor mensen die je niet aankunt, omdat ze bewapend, met veel meer of allebei zijn. Voor groepen jongetjes met vuurwerk.

Ik twijfelde altijd of ik voor of tegen een vuurwerkverbod moest zijn. Die paar doden en gewonden vallen ook elke dag bij verkeersongelukken. En die ene dag stank en herrie. Dan kan je wel alles verbieden waar enig risico mee gepaard gaat.

Maar misschien is het voor die jongetjes zelf het grootste probleem. Dat die vuurwerkperiode ze tussen de oren gaat zitten. Dat ze ook de rest van het jaar in de waan blijven dat ze mannen zijn, of zo gauw mogelijk zouden moeten worden.

Onverschillige mannen waar dreiging van uit gaat. Die voor niemand opzij gaan. Die er liever op slaan dan oplossingen zoeken. De mannen van vroeger, van voor de beschaving.

Waarom zouden we die jongetjes dingen bijbrengen die ze later moeizaam moeten afleren? De schooljuffen hebben er nu al een dagtaak aan om het wildedierengedrag in toom te houden. Om ze de jongetjesfase zonder al teveel kleerscheuren door te helpen.

Jongetjes lopen door die moeilijke fase waarin de oerdrang opspeelt, toch al een hoop achterstand op meisjes op. Die doen het veel beter op school en ook daarna op het werk.

Tegenwoordig hebben jongetjes pas rond hun dertigste hun achterstand ingelopen en nemen ze voorzichtig voorsprong. Al is dat schijn, want dat is het restant van de straatlengte voorsprong van vroeger. Toen vrouwen nog massaal thuisbleven om voor de kinderen te zorgen

Ik denk dat het in het belang van mannen is, ze als jongetjes vuurwerk uit handen te houden. Jongetjes te verleiden om boeken te lezen in plaats van met vuur te spelen. Met vuur spelen kunnen ze, als ze later groot zijn, inhalen bij de barbecue. Dan kan het geen kwaad meer.

Klik hier om de column te lezen op Hoe Mannen Denken

Het slankheidsideaal zit ons in de genen

Vrijdag 11 januari 2019

Op Hoe Mannen Denken staat sinds donderdag 27 december 2018 de volgende column online:

Het slankheidsideaal zit ons in de genen

bron: tegelizr.nl/MW

Tevreden zullen ze zonder twijfel niet geweest zijn, de voorvechters van diversiteit. En toch kwamen de bloedmooie modellen in Victoria’s Secret Fashion Show 2018 uit alle windstreken, in alle soorten en maten. Of eh,… nou ja niet alle maten dus, dat is het heikele punt een beetje.

Ik mis al jaren geen editie. Net 5 zond de show op 3 december tegelijk met de VS uit, maar dat was om een uur of 5 ’s morgens onze tijd, dus ik heb gekeken toen het beter uitkwam. Bord op schoot, een goed glas wijn erbij, de perfecte condities om te genieten van schoonheid. Wie het gemist heeft kan op de site van Victoria’s Secret of op YouTube in de herkansing.

Dus het was in New York een heerlijke ouderwetse parade van ranke gebeeldhouwde lichamen. Dat was er heel anders uit komen te zien als het diversiteitsbeginsel rigoureus consequent zou zijn doorgevoerd. Tot in het absurde, zeg maar. Waar het altijd eindigt als consequent zijn heilig is verklaard.

Er zijn dus heel wat vrouwen die zich onmogelijk in de angels konden herkennen. Wel qua kleur en andere in het dna verankerde fysieke kenmerken, niet wat de maten betreft. Dat is nu juist een kenmerk waar ons dna niet het laatste woord heeft.

Daar kunnen de vijf geheel of gedeeltelijk Nederlandse Angels van meepraten. Als Yasmin Wijnaldum, Myrthe Bolt, Romee Strijd, Gigi en Bella Hadid (Nederlandse moeder) ook elke dag hun karretje vol zouden laden bij Albert Heijn (of Walmart), konden ze Victoria’s Secret Fashion Show wel vergeten.

Tijd om het gedachtegoed van de ridders van de diversiteit eens onder de loep te nemen. Dat de catwalks niet meer uniform blank zijn, daar heeft geen zinnig mens bezwaar tegen. Integendeel! Blanken gaan niet voor niets graag in de zon voor een kleurtje. Wit, zwart, kleur, alles staat mooier op een getinte huid!

Bij de maten wordt het een beetje een ander verhaal. Een van de dogma’s van het diversiteitsevangelie is dat het verguisde slankheidsideaal ons door de media is opgedrongen. Dat we gehersenspoeld zijn door een visueel bombardement met slanke vrouwen in bladen en op internet.

Maar er is een bombardement dat kennelijk veel meer invloed op ons heeft. Van de mensen om ons heen heeft de helft overgewicht en van de andere helft past hooguit een handjevol in de niemendalletjes waarin de angels van Victoria’s Secret liepen te paraderen. Gewone mensen zien de hele dag door gewone mensen. Daar spiegelen ze zich aan.

Dat bijna iedereen stiekem toch liever slanke modellen ziet, komt niet door de media, het zit gewoon in ons dna. Van nature zijn mensen dun. Net als de rest van het dierenrijk, mits ze op een natuurlijke manier leven. Alleen huisdieren worden soms dik. Als ze teveel te eten krijgen van hun baasjes, net als hun baasjes zelf.

Als er in de natuur op een goede dag opeens extra voedsel is, worden dieren niet dikker, het worden er meer. Want de natuur heeft niets aan dikke dieren, wel aan veel dieren. Toen mensen nog van de natuur moesten leven, gold voor hen hetzelfde. Maar dat was voor de welvaart kwam.

Na honderdduizenden jaren evolutie heeft de diersoort mens het eindelijk voor elkaar om zowel explosief in aantal als in omvang te groeien. Inmiddels zijn we met veel te veel en velen van ons zijn veel te dik. Te veel en te divers zeg maar.

Diep in ons dna zijn we nog steeds op dezelfde manier geprogrammeerd, dus willen we slanke Victoria’s Secret angels zien. Omdat we stiekem weten dat we allemaal zo waren bedoeld. In de natuur telt diversiteit in soorten, niet in maten.

Maar de kruisvaarders voor diversiteit trekken zich er niets van aan. Donkere wolken trekken zich samen boven Victoria’s Secret Fashion Show! Geniet ervan, zolang het nog kan!

Klik hier om de column te lezen op Hoe Mannen Denken

Uit de kleren voor duurzaamheid

Zondag 23 december 2018

Op Hoe Mannen Denken staat sinds donderdag 20 december 2018 de volgende column online:

Uit de kleren voor duurzaamheid

bron: MW

Zelf doe ik eeuwig met kleding. Spijkerbroeken bijvoorbeeld draag ik tot de gaten er spontaan in vallen, wat gelukkig heel modieus is tegenwoordig. Dus ik val niet uit de toon tussen mensen die altijd het nieuwste van het nieuwste moeten hebben en broeken kopen waar de gaten van fabriekswege al in zitten.

Ik ben dus heel duurzaam bezig. Maar het kan duurzamer! En die extra duurzaamheid brengt allerlei gunstige neveneffecten met zich mee, ook voor wie geen GroenLinks stemt!

Ik wil niet beweren dat ik voorop sta bij het meedenken over watermanagement en klimaatopwarming maar dat de productie van één enkele spijkerbroek tienduizend liter water kost en 32 kilo CO2 de atmosfeer in blaast (net zoveel als 150 km autorijden), daar keek ik van op.

In het programma Tegenlicht van 7 december werd bepleit dat we langer met onze kleding moeten doen. Maar als ervaringsdeskundige op dat gebied vind ik dat we meteen een stap verder moeten gaan. Helemaal geen kleding! Tenzij het echt niet anders kan!

We zijn bijna de hele dag binnen, daar is het warm genoeg om het zonder te kunnen stellen. Desnoods de thermostaat een graadje hoger, dat kan er wel vanaf als de hele kledingindustrie is platgelegd. In de zomer kunnen we zelfs in Nederland ook buiten vaak naakt rondlopen. En in tropische streken altijd.

Zelfs als we onderweg zijn, zijn we vaak binnen. In de auto of in het openbaar vervoer. Ik denk dat de gemiddelde Nederlander hooguit een kwartier per dag echt buiten moet zijn. Roken natuurlijk niet meegerekend. We kunnen dus bijna altijd naakt zijn. Op een handjevol knelpunten na.

Naar een verre bushalte lopen, op een tochtig perron op de trein wachten of als de auto ver weg staat geparkeerd, dat kan een probleem worden, bijvoorbeeld als het vriest. (Brom)fietsers en voetgangers zijn een verhaal apart, daar kom ik vanzelf op bij de uitwerking van mijn plan.

Naakt is natuurlijk geen principekwestie. Bij de oplossing van de knelpunten blijft er een rol voor kleding weggelegd. Alleen het huidige systeem waarbij iedereen ‘eigen’ kleren heeft, wat tot enorme verspilling heeft geleid, moet op de schop. Kledingbezit verbieden lijkt de meest logische oplossing.

Iedereen kent het witte-fietsenplan, of de deelauto. Dat er op strategische plaatsen fietsen of auto’s klaarstaan die voor iedereen beschikbaar zijn. Dat kan voor kleding ook!

Alle knelpunten zijn op te lossen door op strategische plaatsen uitgifte/innamedepots te plaatsen waar voor rechthebbenden een praktisch kledingstuk (one size fits all) voorhanden is dat zonder moeilijk gedoe aan- en uitgetrokken kan worden. Een soort poncho met als optie een paar makkelijke instappers ligt voor de hand.

Een depot op elke vijfhonderd meter lijkt een goed compromis. Het dichtstbijzijnde depot is dan nooit meer dan 250 meter verwijderd, ongeveer drie minuten lopen. In de praktijk zal het in verband met een logische looproute soms voor de hand liggen om af te zien van de poncho. Maar dat zal er nooit toe leiden dat meer dan 500 meter aan een stuk onbeschermd tegen de elementen overbrugd moet worden.

De poncho komt geautomatiseerd beschikbaar, bijvoorbeeld via een persoonlijke chipkaart. Dit systeem maakt het ook mogelijk om bij te houden waar, wanneer en hoe lang van die mogelijkheid gebruik wordt gemaakt.

Een persoonlijk jaarquotum gebaseerd op gemiddeld 15 minuten per dag zal misbruik voorkomen. Want wie er doorheen is, heeft pas het volgende jaar weer recht op een nieuw quotum. De garantie voor een optimale levensduur voor de poncho.

De behoefte om zonder echte noodzaak iets aan te trekken zal vanzelf minder worden. In de beginfase omdat de poncho opzettelijk min of meer lelijk is. In een latere fase zal naakt zijn vanzelf mode worden.

Een van de vele gunstige neveneffecten die ik voorzie is het terugdringen van overgewicht. Kleding die ‘afkleedt’ bestaat immers niet meer en iedereen wil er toch een beetje toonbaar bijlopen. Maar het zijn in de eerste plaats de klimaatdoelstellingen en de beschikbaarheid van drinkwater die zullen profiteren. Wie kan daar tegen zijn?

Klik hier om de column te lezen op Hoe Mannen Denken

De brief die je wist dat zou komen…

Zaterdag 22 december 2018

Op Hoe Mannen Denken staat sinds vrijdag 14 december 2018 de volgende column online:

De brief die je wist dat zou komen..

bron: tegelizr.nl/MW

Het is al meer dan twee maanden geleden dat ik hem uit de brievenbus opviste, die brief. Bevolkingsonderzoek voor een vroege opsporing van kanker, stond er op. Dat gaat over darmkanker, wist ik al. Poep opsturen en de uitslag afwachten. Zit er bloed in of niet? Zo ja, verder de medische molen in. Zo nee, over twee jaar een herkansing. Net zo lang tot je 75 bent.

Voorlopig kon hij genegeerd worden, besloot ik. Ik wist toch wel wat erin stond, dus ging hij in de la. Daar kon hij blijven liggen tot de behoefte me te verdiepen in de voors en tegens van deelname onbedwingbaar zou worden. Want verplicht is het niet.

Een paar weken later lag er een dikke paarse envelop in de bus. Zelfafnametest, stond erop. Het werd al concreter. Peuren in poep kwam dichterbij. Die kon dus ook dicht blijven en opgeborgen worden.

De zelfafnametest is een routineonderzoek. Er was geen concrete reden om te denken dat ik darmkanker had. Behalve de juiste leeftijd ervoor. En misschien wat vage dingetjes. Maar die zijn er allang. Als het echt wat was, zou het nu toch te laat zijn.

Een paar dagen terug alweer een brief. O ja die test. Dat bevolkingsonderzoek begon net aangenaam diep weg te zakken in mijn geheugen. Het was een herinneringsbrief. Ze hadden nog geen reactie van me gehad. En als ik echt niet wilde, of ik me dan kon afmelden.

Tja, afmelden, dat is wel meteen heel definitief. Alle schepen achter je verbranden. En dan later misschien: had ik nou toch maar… Ze hadden het eindelijk voor elkaar: ik ging me oriënteren op internet.

13.700 mensen kregen in 2017 de diagnose darmkanker. 5100 mensen overleden er in 2016 aan. Onder mensen tussen 55 en 80 zijn het er jaarlijks gemiddeld 2900. Dat zouden er 2400, 1400 of 700 (afhankelijk van de bron van je voorkeur) minder kunnen worden, dankzij dat bevolkingsonderzoek.

Als de zelfafnametest uitwijst dat er bloed in je poep zou zitten (vijf procent van de ingestuurde tests), is de kans maar liefst 35 procent dat die uitslag niet klopt. En dan ga je toch naar de volgende fase. Dus een op de drie voor niets. Slang in je reet met een camera eraan. Een soort rioolinspectie. Als de zelfafnametest geen bloed constateert, is de kans acht procent dat het er wel degelijk in zit. Maar dat niemand het weet.

Als er bloed in je poep zit en de zelftest faalt niet, is de kans maar acht procent dat het darmkanker is. Het komt er allemaal op neer dat van de tweeduizend mensen die hun poep opsturen er gemiddeld acht darmkanker hebben. Vier promille. Vier op de duizend. Ruim de helft overleefde het ook al zonder dat onderzoek. Daar komt er hooguit een bij, lijkt me. Als ik mijn poep opstuur is mijn kans een op duizend dat ik dat ben.

Volg je hem nog?

Die ene persoon op duizend heeft dan geluk, zou je kunnen denken. Maar je ziet hem al aankomen, voor je genezen bent, heb je heel wat moeten doorstaan. Aan de andere kant, als ze er vroeg bij zijn, heb je kans dat dat meevalt. Maar ongeschonden kom je er nooit uit.

Ik ben wel eens jaloers op landen waar de gezondheidszorg wat minder geavanceerd is. Waar geen bevolkingsonderzoeken zijn. Waar je je niet het hoofd hoeft te breken over de vraag of je je poep in een envelop doet en opstuurt of niet. Waar mensen gewoon doodgaan als hun tijd gekomen is. En daar zonder morren genoegen mee nemen omdat het nu eenmaal niet anders is.

Hoe ouder je doodgaat, hoe slechter je er toch al aan toe bent, meestal. Het geheim van een gelukkig leven is jong te sterven, zei een beroemd filosoof eens. Zijn (of haar) naam is me even ontschoten. Dat zou op Alzheimer kunnen wijzen. Vroegtijdig aan darmkanker doodgaan, maar dan Alzheimer ontlopen, dat heeft ook zijn voordelen. Maar voorlopig zit ik met keuzestress!

Klik hier om de column te lezen op Hoe Mannen Denken

Blijf met je tengels van de onbewaakte overweg af!

Vrijdag 21 december 2018

Op Hoe Mannen Denken staat sinds donderdag 6 december 2018 de volgende column online:

Blijf met je tengels van de onbewaakte overweg af!

bron: tegelizr.nl/MW

Doodgaan is niet meer van deze tijd! Dat is de logische conclusie uit de woorden die staatssecretaris Stientje van Veldhoven van IenW (infrastructuur en waterstaat) vorige week sprak. Voorkomen kan zelfs een staatssecretaris de dood niet, wel helpen uitstellen. En daar gaat ze dan ook voor!

Ze zei het dus niet met zoveel woorden. Wat ze precies heeft gezegd is dat onbewaakte spoorwegovergangen niet meer van deze tijd zijn. Omdat daar dus wel eens een dode valt. Elke dode op een spoorwegovergang is er een teveel, voegde ze er aan toe! Ze bedoelt dus ook bewaakte overwegen!

De cijfers lopen wat uiteen, maar we kunnen het er op houden dat er momenteel ongeveer honderd onbewaakte overwegen zijn en 1600 bewaakte. Drie doden vielen er vorig jaar op onbewaakte overwegen, negen op bewaakte. Totaal dus twaalf. Een meer dan gemiddeld in een jaar.

Op bewaakte overwegen vallen, daar zal niemand van opkijken, relatief minder doden dan op onbewaakte. Het leek de staatssecretaris dan ook een goed plan om de strijd tegen de dood bij de laatste te beginnen. Over vijf jaar zijn ze allemaal weg, als het aan haar ligt. Dat scheelt al meteen drie doden. En dat elk jaar!

Om de ambitie van de staatssecretaris in perspectief te plaatsen, vorig jaar vielen er 613 doden bij verkeersongevallen waarbij in de verste verte geen trein te bekennen was. Op de meeste gewone kruispunten staan zoals bekend zelfs geen verkeerslichten, laat staan iets als spoorbomen.

De meeste kruispunten zijn behalve onbeveiligd, ook een stuk drukker en minder overzichtelijk dan de gemiddelde spoorwegovergang. Als er op een willekeurig punt in een willekeurige spoorlijn een trein per vijf minuten langskomt, is dat veel. En toch mag het verkeer het juist in al die andere gevallen zelf uitmaken hoe ze een kruising oversteken.

Het zijn er ontelbaar veel, geen eer aan te behalen voor de staatssecretaris (maar zie ook de verrassende UPDATE aan het eind!). Maar je kan niet zonder lichtend visioen als bewindsvrouw. En dan is het wegwerken van spoorwegovergangen een haalbaar vergezicht.

Het gaat sowieso miljarden kosten, denk eens aan al die extra tunnels en viaducten. Nogal veel voor het sparen van slechts elf mensenlevens per jaar. Vooral als je bedenkt dat jaarlijks twintigduizend mensen vroegtijdig overlijden aan roken. Maar het gaat de staatssecretaris vast om het signaal dat er van uit gaat. De dood dient zo lang mogelijk uitgesteld te worden!

Het winnen van levensjaren begint dus bij die onbewaakte overwegen. Van sommige zullen bewaakte gemaakt worden, andere worden opgeheven. Spoorbomen, bellen en knipperlichten aanbrengen, dan heb je het ook al over serieuze bedragen dus zal het nogal eens opheffen worden.

De staatssecretaris heeft haar visioen niet van een vreemde. Ook de medische wetenschap is er vooral goed in om levens te rekken. Overleven zullen we, of we willen of niet! Elk risico op een vroegtijdige dood moet uitgebannen worden. De echte overlever gaat dood in een verpleeghuisbed met een tot de draad versleten lichaam en een uitgewiste geest.

Wat is er mis met kerngezond doodgaan? In het ergste geval na een heel kort ziekbed. Vroeger overleed nog wel eens iemand aan een infectieziekte. Tegenwoordig overleeft bijna elke tachtiger griep of een longontsteking. Dankzij vaccinatie, antibiotica en nu ook nog Stientje van Veldhoven blijft er weinig over om aan dood te gaan voor je kanker, hart en vaatziekten of Alzheimer krijgt.

Een arts pleitte er laatst voor om infectieziekten weer een kans te geven. Laten we daar spoorwegovergangen aan toevoegen, ook onbewaakte. Mijmerend over het leven tijdens een heerlijke boswandeling op een onbewaakte overweg door een trein gegrepen worden, verzin maar eens een mooiere dood!

UPDATE!

De plannen van de staatssecretaris worden steeds ambitieuzer. Vandaag bleek dat ze het hele kabinet om heeft gekregen voor nog driestere vergezichten. NUL doden in het verkeer!

Klik hier om de column te lezen op Hoe Mannen Denken

Vergeet Pioppi, begin meteen aan het snoepdieet!

Donderdag 6 december 2018

Op Hoe Mannen Denken staat sinds woensdag 28 november 2018 de volgende column online:

Vergeet Pioppi, begin meteen aan het snoepdieet!

bron: tegelizr.nl/MW

Dieettrends heb ik nooit zo gauw in de gaten, want ik hoef niet af te vallen. Dus ik zal wel weer een van de laatsten zijn die kennismaakten met het Pioppidieet. Maar toen ik er toevallig wat over las, dacht ik: dat komt me bekend voor! Dat doe ik al! Nou ja bepaalde dingen eruit.

Zo eet ik olijfolie, roomboter, volle yoghurt, volle melkproducten, crème fraîche, kaas, onbewerkte groenten, noten, eieren, kruiden, fruit, chocolade (oké geen pure, maar melkchocolade, maar als je chocola puur eet en meteen daarna melk drinkt, komt dat op hetzelfde neer, toch?), rode wijn, thee. Al best een overtuigende opsomming, lijkt me.

Bij diëten waar ik al eerder over hoorde had ik dat ook altijd, die herkenning. Maar nooit bij zo’n dieet als geheel. Van het Montignacdieet vooral volkorenbrood. Want bij Montignac draait alles om langzame koolhydraten. Snelle koolhydraten zijn fout, vooral suiker.

Ik doe maanden met een pak suiker, het gaat eigenlijk alleen in de Brinta. Dat is mijn ontbijt. Brinta is trouwens ook volkoren! Langzame en een heel klein beetje snelle koolhydraten, en dat met volle melk. Hoeveel mooier kan je Montignac en Pioppi combineren?

Hoewel bij Montignac vet en koolhydraten op hetzelfde bord een doodzonde is. Maar dan overdrijft hij een beetje, lijkt me. Want ik kom er geen gram van aan! Een ander advies van Montignac volg ik wel op de voet: hij raadt rode wijn aan! Dat mag bij Pioppi ook, maar dan moet je na een glas alweer ophouden. Montignac hoor je daar niet over.

Van een snufje Atkinsdieet ben ik ook niet vies. Vlees en dierlijke producten maar geen koolhydraten. Een groot vleeseter ben ik dan niet, maar boter, kaas en eieren willen er best in blijven. En helemaal geen koolhydraten? Nou ja je kan ook overdrijven. Een beetje smokkelen moet kunnen. En Atkins ziet het toch niet.

Uit de schijf van vijf, het paleodieet en de voedselzandloper herken ik ook het een en ander, maar vooral Sonja Bakker verdient nog een speciale vermelding. Het enige dieet dat wetenschappelijk honderd procent verantwoord is. Bij het sonjabakkeren krijg je de helft van je calorieën binnen, daar val je dus sowieso van af. Anders stonden de fundamentele natuurwetten op de tocht.

Maar ik eet dus mijn hele leven al de helft van de calorieën, ik bedoel de helft van de calorieën die ik gegeten zou hebben als ik nu veel te zwaar was. Ik was dus een sonjabakkeraar avant la lettre, zelfs voor Sonja zelf op het idee kwam. Maar goed, het is haar idee om er boeken over te schrijven, dat moet ik toegeven.

Eigenlijk ben ik meer van het sonjabanketbakkeren. Want ik mis een essentieel bestanddeel in al die gewone diëten: snoepen! Je moet ook een keer beloond worden voor al dat gezonde eten, anders houd je het niet vol. Daar komt jojo-en van. De oplossing is het snoepdieet.

Het geheim van het snoepdieet is een speciale extra maaltijd per dag, naast de drie supergezonde volgens de gecombineerde adviezen uit de bekende diëten. Die vierde maaltijd is zeg maar de SASmaaltijd. Net zoiets als de SASdag van Sonja Bakker. Schijt Aan Sonja, even zondigen. Ik noem hem High Tea, maar het is stiekem gewoon snoepen.

Bij het snoepdieet is snoepen geen zondigen. Want het staat gewoon in het schema! Op een vast moment van de dag, net als elke andere maaltijd. Zelf ben ik van de chocola, de speculaas, chocolabroodjes, oliebollen, krentenbrood met roomboter en sloten hete zwarte thee. Maar als je liever bitterballen met bier neemt, ook prima. Noem eens een ander dieet dat je voor je lol doet!

Disclaimer: blijf wel aan Sonja Bakker denken: neem de helft van veel te veel, dan zit je altijd goed!

Klik hier om de column te lezen op Hoe Mannen Denken